Do you love me?

Engagement en literatuur, altijd een gevaarlijke discussie. Waag je je aan politiek als fictieschrijver, dan dreigt de beschuldiging van pamflettisme. Onthoud je je van elk politiek commentaar, dan ben je een wereldvreemde l’art-pour-l’art-aanhanger. Alsof zich daartussen niets bevindt.

Mijn grote oude liefde The Cure – beslist geen politiek geëngageerde band – speelde op 4 juni 1989, vandaag vijfentwintig jaar geleden, een concert in Rome. Die dag was in Peking de beroemde opstand op het Plein van de Hemelse Vrede uitgebroken – en met veel machtsvertoon en bloedvergieten neergeslagen. Robert Smith droeg het wondermooie, het eeuwige ‘Faith’ op aan ‘everyone that died today in China’.

Hadden de doden er iets aan dat een popzanger met raar haar ver weg in Rome een liedje voor ze zong? Nee. Maar het was niet voor hun. Zij wisten al hoe het was om te leven in een land waar je niet mag zeggen of schrijven wat je denkt. Het is voor ons. Luister naar de opname hierboven, luister naar de ijzige dialoog die Robert Smith vanaf 7:35 begint te improviseren – het is: je voorstellen hoe het is om in je eentje voor een tank te gaan staan. Het is: je voorstellen hoe het is om te knielen voor iemand die een pistool tegen je hoofd drukt en zegt: ‘Do you love me?’ – in de wetenschap dat het enige antwoord dat je leven kan redden ‘ja’ is. Het is: je voorstellen hoe het is om op dat moment nee te zeggen.

Ik leef in een land waar je nee mag zeggen. Het kan geen kwaad daar nu en dan bij stil te staan, te beseffen hoe waardevol de woorden zijn die we vaak zo klakkeloos gebruiken.

Geef een reactie